Categorieën
Dokters van de Wereld

Twee jonge Rohingya’s over leven in een vluchtelingenkamp: “Soms is het moeilijk de dromen te herinneren die ik als kind had”

Ruim een miljoen ontheemde Rohingya verblijven al jaren in vluchtelingenkampen in Bangladesh. Zij ontvluchtten hun thuisland Myanmar waar ze hun leven niet meer zeker waren. In de kampen zijn onder andere teams van Médicins du Monde Japan (MdMJ) actief. Zij proberen de vluchtelingen te helpen met voorlichting, educatie en projecten voor kinderen. Dat het leven erg zwaar en eentonig is voor de bewoners blijkt uit de verhalen van Jisma en Jonnat, twee Rohingya jongeren.

Jisma en haar familie ontvluchtten Myanmar in augustus 2017: “Ik ben een vluchteling en ik woon in een vluchtelingenkamp. Soms is het moeilijk om de dromen te herinneren die ik als kind had. Ik kwam met zes familieleden naar Bangladesh, we komen uit een dorp in Buthidaung Township in Myanmar. We leven met zeven mensen in een kleine hut die niet eens een apart slaapgedeelte heeft. Mijn dag begint met opstaan om 5 uur en 20 minuten sporten. Daarna doen we het eerste gebed van de dag en help ik mijn moeder met het ontbijt. Om 9.20 uur ga ik aan het werk tot 16.00 uur. ’s Avonds studeer ik.”

Vrijwilligerswerk

Jisma doet vrijwilligerswerk bij MdMJ in het kamp. Haar taak als ‘volunteer youth educator’ is om bewoners van het kamp informatie te verschaffen over onder meer gezondheidszorg en hygiëne. “Sinds mei 2019 werk ik als vrijwilliger voor Médecins du Monde Japan. Ik reis rond in het kamp en voer outreach-activiteiten uit. Het is niet altijd even makkelijk om de mensen te bereiken, maar het werk geeft me een doel, een missie. Toch blijft het zwaar om aan het eind van de dag uitgeput terug te moeten keren naar een overvolle schuilplaats, waar zelfs rusten moeilijk is. Als het warm is, wordt het te heet om in de hut te blijven. En als het regent, zijn er regelmatig overstromingen en harde wind en kunnen aardverschuivingen optreden.”

Toen Jisma en haar familie Myranmar onvluchtten, zat ze op de middelbare school. Ze moest haar opleiding noodgedwongen onderbreken. “Ik ben nog jong en vrijgezel. Ik kan geen onderwijs krijgen, vooral geen hoger onderwijs, zelfs niet in het kamp”, vertelt ze. “Ook hier staan we voor vele uitdagingen en moeten we strijden voor onze rechten. De kampen hebben speeltuinen en leercentra voor kinderen die worden gerund door steungroepen, maar die voorzieningen zijn niet geschikt voor mensen van onze leeftijd. Net als ik brengen veel jonge Rohingya nu al bijna drie jaar in het kamp door zonder dat ze naar school kunnen.”

Scholing

Jonnat (19) is ook volunteer youth trainer bij MdM Japan. Zijn verhaal vertoont veel overeenkomsten met dat van Jisma. Hij zat in het laatste jaar van de middelbare school toen het noodlot toesloeg. Samen met zijn moeder en broer en twee zusjes vluchtten ze naar Bangladesh. Ze komen uit Boddazza, een dorp in het noordelijke deel van Maungdaw in Myanmar. Jonnat vertelt: “Als moslims mochten wij van de regering van Myanmar geen hoger onderwijs volgen. Er was geen plaats voor de Rohingya om te worden opgeleid, we hadden geen bewegingsvrijheid, geen toegang tot gezondheidszorg. Daarom droomde ik als kind al van studeren in het buitenland. In het vluchtelingenkamp had ik geen werk en maakte ik emotioneel en financieel moeilijke tijden door. Op een dag ontmoette ik mevrouw Akiko en mevrouw Ku van Médecins du Monde Japan (MdMJ) en besloot ik deel te nemen aan hun activiteiten als vrijwilliger.”

Zowel Jisma als Jonnat volgen trainingen van MdM over gezondheids- en gemeenschapsthema’s. Yonnit: ”Dankzij mijn werk voor MdMJ heb ik nieuwe kennis en vaardigheden kunnen opdoen op het gebied van onder meer gezinsplanning, eerste hulp, hygiëne, zorg voor pasgeborenen, voeding, gender gerelateerd geweld, geestelijke gezondheid en gezondheidszorg in het algemeen. Daarnaast kreeg ik ook computerles, ik leerde werken met Microsoft Office, Photoshop en Excel.” Ook Jisma heeft veel geleerd: “Ik ben erg dankbaar dat ik deze kans krijg om te leren. Mijn werk voor MdM Japan en PULSE Bangladesh is nuttig voor de gemeenschap. Als jonge vrouw ben ik erg blij en dankbaar dat ik een rol kan spelen. Ik hoop dat ze hun activiteiten in de toekomst voortzetten en dat ik erbij betrokken kan blijven. In de toekomst wil ik dokter worden.”

Onzekerheid en angst

Het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties voorziet de kampen met rijst, bonen en olie, maar het is niet genoeg, volgens Jonnat. “Er is een tekort aan voedsel in het kamp. Om vis of rundvlees te kopen, moet je de rijst en olie die uitgedeeld is verkopen. Vluchtelingen kunnen niet werken omdat ze het kamp niet kunnen verlaten. Rondom het vluchtelingenkamp is een hek geplaatst. Ik ben bang dat de moeilijkheden waarmee ik in Myanmar werd geconfronteerd eindeloos zullen blijven bestaan. We leven nu zonder toegang tot onderwijs en worden omringd door hekken. Het leven in het kamp wordt alleen maar erger. Er zijn zelfs ontvoeringen geweest.” Ook Jisma maakt zich zorgen en voelt zich onveilig in het kamp: “Ik ben altijd bang. De toiletten zijn ver van onze hut verwijderd en in het kamp is het niet veilig. Tot nu toe zijn verschillende vrouwen ontvoerd en nog niet gevonden.”

Beide jongeren snakken naar een normaal, rustig leven, zonder geweld, angst en ontberingen. Een veilige plek voor henzelf en hun geliefden. Jonnat: “We hebben steun van de internationale gemeenschap nodig, zodat we gehoord worden, toegang kunnen krijgen tot onderwijs, het internet, bewegingsvrijheid en medische voorzieningen. Ik wil hier niet meer wonen. Ik wil zo snel mogelijk met waardigheid terugkeren naar Myanmar. Ik zou zo graag willen studeren en later arts willen worden. Heel veel Rohingya hebben hulp nodig, ik wou dat ik hen kon steunen.”

The post Twee jonge Rohingya’s over leven in een vluchtelingenkamp: “Soms is het moeilijk de dromen te herinneren die ik als kind had” appeared first on Dokters van de Wereld.

Dit artikel is afkomstig van de website van Dokters van de Wereld:

Twee jonge Rohingya’s over leven in een vluchtelingenkamp: “Soms is het moeilijk de dromen te herinneren die ik als kind had”

Categorieën
ActionAid

Coronacrisis leidt tot schrikbarende toename van geweld tegen vrouwen

Als gevolg van de wereldwijde lockdowns en coronamaatregelen is geweld tegen vrouwen schrikbarend toegenomen, zo stelt vrouwenrechtenorganisatie ActionAid in het vandaag verschenen rapport: “Surviving Covid-19: A Women-Led Response”. ActionAid liet dit onderzoek uitvoeren in aanloop naar de Wereld Humanitaire Top van de VN die op 25 juni van start gaat. Het onderzoek richt zich op de eerstelijnsopvang en slachtofferhulp voor vrouwen die te maken krijgen met geweld. Conclusie: deze hulp en opvang moeten per direct als essentieel worden aangemerkt!Lees hier het volledige rapport >>

Op dit moment staan de diensten die zich bezighouden met gender-gerelateerd geweld onder druk door de coronamaatregelen en een groot te kort aan financiën. Uit het ActionAid-rapport blijkt onder meer dat het aantal meldingen van seksueel en huiselijk geweld in bijvoorbeeld Bangladesh tijdens de coronacrisis met 983% is toegenomen in vergelijking tot dezelfde periode vorig jaar. In Nigeria heeft de regering de noodtoestand uitgeroepen na de sterke toename van gender-gerelateerd geweld. Een van ActionAid’s opvangcentra voor vrouwen noteerde een toename van 700% van geweld tegen vrouwen sinds de lockdown. In Italië laat een review van meer dan 228 opvangcentra zien dat het aantal vrouwen dat om hulp vroeg via de anti-geweld noodhulplijn van de regering met 59% is toegenomen.

“Een stijging van geweld komt helaas vaak voor tijdens humanitaire rampen”, zegt Jannelieke Aalstein, directeur van ActionAid Nederland, “maar deze cijfers zijn ongehoord.” “COVID-19 is naast een gezondheids- en economische crisis ook echt een geweldscrisis, die tot forse toename van vrouwenmoord, verkrachting en andere vormen van geweld tegen vrouwen leidt”, aldus Aalstein. “Ons onderzoek laat zien dat dit een wereldwijd fenomeen is. Wij roepen regeringen, donoren en de VN op om in actie te komen en vrouwen te beschermen.”

De beperkte beschikbare middelen maken het moeilijk om geweld aan te pakken. Tijdens de eerste Wereld Humanitaire Top in 2016, werd toegezegd dat 25% van de noodhulpfondsen direct naar lokale organisaties zou gaan, zoals opvangcentra voor vrouwen. Maar van die toezegging is weinig terecht gekomen. Het budget van het VN-noodhulpplan voor COVID-19 komt niet in de buurt: slechts 0,1% van het budget gaat naar lokale organisaties. Op deze manier blijft gender-gerelateerd geweld een ondergefinancierd onderdeel van het Noodhulpplan voor COVID-19 van de VN. ActionAid pleit dan ook voor meer financiering voor diensten die vrouwen beschermen en voor lokale organisaties die aan de frontlinie van de COVID-19 pandemie werken.

Het bericht Coronacrisis leidt tot schrikbarende toename van geweld tegen vrouwen is afkomstig van de website van ActionAid Nederland.

Dit bericht is afkomstig van de website van ActionAid:

Coronacrisis leidt tot schrikbarende toename van geweld tegen vrouwen

Categorieën
ActionAid

Surviving Covid-19: A Women-Led Response

Als gevolg van de wereldwijde lockdowns en coronamaatregelen is geweld tegen vrouwen schrikbarend toegenomen, laat het rapport “Surviving Covid-19: A Women-Led Response” zien. Op dit moment staan de diensten die zich bezighouden met gender-gerelateerd geweld onder druk door de coronamaatregelen en een groot te kort aan financiën. In het rapport staat onder meer dat het aantal meldingen van seksueel en huiselijk geweld in bijvoorbeeld Bangladesh tijdens de coronacrisis met 983% is toegenomen in vergelijking tot dezelfde periode vorig jaar. In Nigeria heeft de regering de noodtoestand uitgeroepen na de sterke toename van gender-gerelateerd geweld. Een van ActionAid’s opvangcentra voor vrouwen noteerde een toename van 700% van geweld tegen vrouwen sinds de lockdown. In Italië laat een review van meer dan 228 opvangcentra zien dat het aantal vrouwen dat om hulp vroeg via de anti-geweld noodhulplijn van de regering met 59% is toegenomen.

Het bericht Surviving Covid-19: A Women-Led Response is afkomstig van de website van ActionAid Nederland.

Dit bericht is afkomstig van de website van ActionAid:

Surviving Covid-19: A Women-Led Response

Categorieën
Care Nederland

Kirupalini heeft haar eigen weverij

“Ik ben vader en moeder voor mijn zoon en nu kan ik, dankzij mijn bedrijf, voor hem kopen wat hij nodig heeft.”

Kirupalini, 32, heeft haar eigen weverij en verkoopt prachtige handgeweven kleding op markten in de hoofdstad Colombo op meer dan 300 km afstand, en aan klanten in andere regio’s.

Maar achter haar lach en achter deze sterk uitziende vrouw gaat een verhaal schuil van dagelijkse worstelingen en een verleden overschaduwd door een jeugd in de 30-jarige burgeroorlog in Sri Lanka. Op 19-jarige leeftijd werd zij geraakt door scherven van een ontplofte bom, waaraan ze dagelijks wordt herinnerd door een zichtbaar litteken op haar arm. Tegen het eind van de oorlog vond er een grote volksverhuizing in het land plaats en Kirupalini, haar ouders en haar zeven broers en zussen moesten snel de veiligheid van hun eigen huis verlaten voordat het met de grond gelijk werd gemaakt. Ze voegt hieraan toe: “Ik weet niet meer op hoeveel plaatsen we zijn geweest. Soms bleven we ergens twee dagen, dan weer ergens een week, maar uiteindelijk kwamen we zes maanden in het kamp Menik Farm terecht.”

In dit kamp trouwde ze met haar schoolvriend en raakte ze al snel zwanger. Helaas liet haar vriend haar in de steek toen ze slechts drie maanden zwanger was. Haar zoon, nu acht, heeft een hersenaandoening en gaat naar een speciale school.  Ze spreekt met trots over haar zoon en haalt haar telefoon tevoorschijn om foto’s te laten zien, terwijl ze zegt: “Ik ben vader en moeder voor mijn zoon en nu kan ik, dankzij mijn bedrijf, voor hem kopen wat hij nodig heeft.” Ook is ze voorzitter geworden van de Special Needs Society waarvan de leden samen geld kunnen sparen, hun ervaringen kunnen delen en elkaar kunnen steunen.

Chrysalis opleidingsprogramma

Hoewel de 70-jarige vader van Kirupalini wever is, heeft ze ervoor gekozen het vak te leren via een opleidingsprogramma van Chrysalis, de zusterorganisatie van CARE in Sri Lanka. Ze legt uit: “Tijdens de training moesten we ieder in twee maanden tien sari’s van zes meter lang maken. Ik heb die van mij in één maand gemaakt.” Haar snelheid en nauwkeurigheid zijn zelfs voor het ongetrainde oog goed zichtbaar als je haar ziet werken aan het weefgetouw. Na de praktische opleiding kreeg ze een handweefgetouw van Chrysalis, via het Women in Enterprise-programma van CARE, gefinancierd door H&M Foundation.

Met haar nieuwe vaardigheden heeft Kirupalini haar zus opgeleid in het gebruik van het nieuwe handweefgetouw. Hierna heeft haar zus ook een eigen weefgetouw gekregen. Al snel zijn aanpassingen in haar huis aangebracht om ruimte te maken voor de nieuwe weefgetouwen, inmiddels vier stuks. Ze vormen nu samen een klein weefcollectief, bestaande uit Kirupalini en haar vader, haar zus en iemand uit de buurt.

Zelfvertrouwen ontwikkelen

Chrysalis bleef Kirupalini verder ondersteunen met opleidingen in boekhouding en marketing en haar zelfvertrouwen nam toe. Ze legt uit: “Eerst dacht ik dat alle inkomsten winst waren, maar dankzij de opleiding heb ik geleerd mijn inkomen van de winst te scheiden. In het verleden durfde ik niet in het openbaar te praten, maar nu heb ik daar vertrouwen in gekregen.”

Haar vaardigheden op het gebied van spreken in het openbaar worden nu al in de praktijk toegepast, want zij is de voorzitter geworden van het Pandiyankulam Weavers Cooperative. Ze voegt hieraan toe: “Vroeger werkte ik in de hete zon op de rijstvelden en nu ben ik blij met mijn werk en kan ik kopen wat ik wil wanneer ik het wil.” Dankzij haar bedrijf heeft ze een kleine lening bij een bank kunnen afsluiten om een motor te kopen die ze gebruikt voor marketing en het vervoeren van grondstoffen.

Kirupalini is enorm trots op alles wat ze heeft bereikt ondanks haar ongunstige omstandigheden en voegt hieraan toe: “Ik heb bewezen dat een gezin met een vrouw aan het hoofd dezelfde levensstandaard kan hebben als een gezin met een man aan het hoofd.” Haar advies aan andere vrouwen die denken aan het opzetten van een bedrijf: “Als je een kans hebt, moet je die nemen. Houd vol en houd van je werk!”

De effecten van de coronacrisis

De COVID-19-pandemie treft ook het bedrijf van Kirupalini, omdat ze niet aan de grondstoffen en apparatuur kan komen die ze nodig heeft om het bedrijf op gang te houden. Ook zijn de marketingkansen aanzienlijk beperkt. Ze legt uit: “Ik probeer de moed erin te houden ondanks het inkomensverlies tijdens de COVID-19-pandemie en ik wacht met smart op de dag waarop ik mijn werk kan hervatten. We moeten ook serieus nadenken over alternatieve manieren om inkomsten binnen te brengen.”

Als ze naar de toekomst kijkt, blijkt duidelijk dat ze enorme ambities heeft en voegt hieraan toe: “Mijn droom is een eigen fabriek. Ik wil mijn klantenbestand uitbreiden en meer lokaal personeel in dienst nemen.” Ze sluit af met: “Vrouwelijke ondernemers hebben vaardigheden, competentie en een veilige omgeving nodig om te slagen. Doorzettingsvermogen en zelfvertrouwen zijn ook zeer belangrijk.”

The post Kirupalini heeft haar eigen weverij appeared first on CARE Nederland – Andere aanpak. Eerlijke wereld..

Dit artikel is afkomstig van de website van Care Nederland:

https://www.carenederland.org/kirupalini-heeft-haar-eigen-weverij/

Categorieën
Care Nederland

Financiering noodhulp voor de grootste regionale vluchtelingencrises bedraagt slechts 1% van de wereldwijde uitgaven aan wapens

De beschikbare budgetten voor hulpverlening aan vluchtelingen in enkele van de grootste crisesgebieden ter wereld zijn lager dan ooit. Dit constateert CARE op basis van een analyse van de financiering van noodhulp aan Burundi, Democratische Republiek Congo, de Rohingya crisis, Zuid-Soedan, Syrië en Venezuela. Deze crises vertegenwoordigen het breedste scala en hoogste aantal vluchtelingen wereldwijd.

Op de vlucht

Het totale bedrag dat nodig is om noodhulp voor de genoemde zes vluchtelingencrises te financieren, bedraagt slechts 11% van wat deskundigen schatten als de jaarlijkse omvang van de wereldwijde wapenhandel. Het bedrag dat daadwerkelijk beschikbaar is bedraagt echter slechts 1% hiervan.

Oproep tot solidariteit

Ondanks de extra dreiging van COVID-19 in alle vluchtelingengebieden, is de internationale financiële steun aanzienlijk lager dan vorig jaar in deze periode. Vanaf medio juni 2020 is in totaal 1,12 miljard dollar ontvangen van de benodigde 10,86 miljard (10,3%) voor de betreffende noodhulpprojecten.

Nok van de Langenberg, hoofd Humanitaire Actie bij CARE Nederland zegt hierover:

“Wereldwijd zijn miljoenen mensen gedwongen om hun huis, regio of land te ontvluchten, op zoek naar veiligheid voor zichzelf en hun families. Wij mogen hen niet in de steek laten. Financiering van noodhulpprojecten is onmisbaar om vluchtelingen zowel bescherming als een perspectief op een menswaardige toekomst te kunnen bieden”.

Delphine Pinault, CARE International Humanitarian Policy Advocacy Coördinator, benadrukt:

“Nu wereldwijde solidariteit het enige antwoord is op COVID-19, roept CARE donoren en regeringen nog nadrukkelijker op om de verantwoordelijkheid en de kosten voor de opvang van vluchtelingen te delen. Hoewel het percentage in de afgelopen twee decennia is gedaald, vangen lage-inkomenslanden nog steeds de meerderheid van alle  vluchtelingen op.”

Over CARE

CARE is opgericht in 1945 en is een toonaangevende humanitaire organisatie die wereldwijd vecht tegen armoede en levensreddende hulp biedt in noodsituaties. In 100 landen over de hele wereld bestrijden we armoede door ongelijkheid tegen te gaan. We maken ons sterk voor gelijke rechten voor mannen en vrouwen en voor mogelijkheden om mee praten en mee te beslissen over zaken die hun levens beïnvloeden. Voor meer informatie, ga naar www.care-international.org of lees verder op deze website.

The post Financiering noodhulp voor de grootste regionale vluchtelingencrises bedraagt slechts 1% van de wereldwijde uitgaven aan wapens appeared first on CARE Nederland – Andere aanpak. Eerlijke wereld..

Dit artikel is afkomstig van de website van Care Nederland:

https://www.carenederland.org/op-de-vlucht/

Categorieën
Dokters van de Wereld

Coronavirus bereikt vluchtelingenkamp Rohingya’s in Bangladesh

Meer dan een miljoen gevluchte Rohingya’s leven in het zuiden van Bangladesh in een vluchtelingenkamp. De leefomstandigheden zijn er erg zwaar. De mensen wonen opeenpakt in het overvolle kamp waar het aan alles ontbreekt. Tot overmaat van ramp werd half mei ook de eerste besmetting met het coronavirus in het kamp geconstateerd.

De Rohingya’s worden zwaar getroffen. Ze hebben hun land Myanmar moeten ontvluchten omdat ze er werden vervolgd en hun leven niet zeker waren. Naast dat trauma worden ze in Bangladesh nu geconfronteerd met natuurrampen en infectieziekten, terwijl ze in zeer kwetsbare omstandigheden leven.

Meer dan 20.000 mensen zijn inmiddels in Bangladesh besmet met het virus. In het hele land is een tekort aan medische beschermingsmiddelen en zorgpersoneel. Zo ook in het vluchtelingenkamp. Grote gezinnen wonen er in onderkomens voor een persoon, medische voorzieningen en voorraden zijn ontoereikend en de hygiëne is slecht. Er is geen stromend water en de gedeelde sanitaire voorzieningen verkeren in zeer slechte staat. De verspreiding van infectieziekten in het kamp was sowieso al een grote zorg. Bangladesh gaat het moessonseizoen in en door zware regenval overstroomt de riolering regelmatig, met infectieziekten zoals diarree als gevolg.

De aanwezigheid van het coronavirus in het vluchtelingenkamp heeft een enorme impact op bewoners, lokale gemeenschappen en steungroepen. Sinds april zijn medewerkers van Médecins du Monde Japan (MdM) actief om de vluchtelingen voor te lichten over het voorkomen van infectieziekten. Tot nu toe hebben de teams ongeveer duizend mensen bereikt, voornamelijk ouderen en mensen met een handicap. Maatregelen om verspreiding van infecties te voorkomen worden ingevoerd volgens de WHO-richtlijnen. Alles is gericht op preventie. We zijn ons er terdege van bewust dat als het coronavirus zich verder verspreid in het kamp, het alleen maar moeilijker zal worden voor medisch personeel en supporters van buitenaf om toegang tot het kamp te krijgen.

Akiko Kida, medisch coördinator: “Het gebrek aan medisch personeel en beschermingsmiddelen, de discriminatie en vooroordelen, geruchten en zorgen over het coronavirus in Rohingya-vluchtelingenkampen, dit alles was al een uitdaging. Dat COVID-19 het kamp nu heeft bereikt is weer een extra bedreiging voor de Rohingya. Het brengt deze kwetsbare mensen in een nog moeilijkere situatie. Hoe kunnen we in het kamp vermijden dat ze dicht op elkaar zitten? Zij zijn ontheemd, er is gebrek aan informatie, ze hebben geen bewegingsvrijheid en staan daardoor nog meer bloot aan het risico op infectieziekten.”

The post Coronavirus bereikt vluchtelingenkamp Rohingya’s in Bangladesh appeared first on Dokters van de Wereld.

Dit artikel is afkomstig van de website van Dokters van de Wereld:

Coronavirus bereikt vluchtelingenkamp Rohingya’s in Bangladesh

CARE Nederland

Wij zijn CARE Nederland, onderdeel van CARE, een internationale ontwikkelingsorganisatie actief in meer dan 90 landen. Voortgekomen uit Amerikaanse voedselhulp aan Europa na de Tweede Wereldoorlog, zetten we ons inmiddels al 75 jaar in voor hen die dat het hardst nodig hebben. CARE streeft naar een wereld zonder armoede. Wij zetten ons in voor gelijke rechten en eerlijke verdeling van welvaart. Wij werken op de moeilijkste plekken ter wereld. Voor de allerarmsten, de zwaarst getroffenen, de minst gehoorden. Samen met lokale partners en gemeenschappen redden we levens en zorgen we voor duurzame verandering. Dit doen we onder meer door noodhulp te verlenen, vrouwelijk ondernemerschap te faciliteren en inspraak in besluitvorming te stimuleren. Daarnaast maken we gemeenschappen weerbaar tegen de effecten van klimaatverandering en natuurgeweld. Onze aanpak is pragmatisch en op maat gesneden. En dat werkt.

Onze kernwaarden zijn respect, betrouwbaarheid, betrokkenheid en kwaliteit.

3xM

Het evangelie mag niet in elk land vrij verspreid worden. 3xM kijkt naar mogelijkheden om het evangelie tóch in deze landen te kunnen brengen. Daarbij ligt onze focus specifiek op het zogenoemde ’10/40-window’.

Wereldwijd is in bijna ieder huishouden, hoe arm ook, een televisie en smartphone te vinden. Daarom verspreidt 3xM het evangelie via televisieprogramma’s en internetuitzendingen. Door deze programma’s brengen we mensen in contact met het evangelie. We laten ze zien wat het christelijk geloof in het dagelijks leven betekent.

We willen dáár actief zijn waar nog geen christelijke televisie is. Zoals Paulus schrijft in Romeinen 15:20: “maar ik heb er een eer in gesteld het evangelie niet op plaatsen te verkondigen waar Christus al bekend was. Ik wilde niet op het fundament van een ander bouwen.” 

Het unieke aan het werk van 3xM is de samenwerking met lokale partners in de landen waar we werken. Met hen kiezen we belangrijke sociale onderwerpen die we in de programma’s centraal stellen.

Actuele thema’s

Onze programma’s zijn bijzonder. Ze richten zich hele specifiek sociale of maatschappelijke thema’s die in het land actueel zijn, zoals: 

  • Vrouwen- en kinderhandel
  • Corruptie
  • Zuuraanvallen
  • HIV/Aids
  • Verslavingen
  • Huiselijk geweld

Missie en visie

3xM bereikt mensen met het evangelie in landen waar het woord van God niet of nauwelijks doordringt, door middel van media die aansluiten bij de lokale taal en cultuur.

Partners in projectlanden

De partners van 3xM maken de tv-programma’s in West-Afrika, Bangladesh, Pakistan, Centraal Azië en Afghanistan. Ze maken onder meer dramaseries, straatinterviews, muziek- en dansprogramma’s. Ook laten ze persoonlijke verhalen zien. Deze partners leveren de programma’s aan bij de lokale televisiestations.

3xM werkt samen met verschillende kerken, waardoor we nazorg kunnen aanbieden. Deze kerken dragen ook actuele thema’s aan.

Geschiedenis

De EO heeft 3xM in 1980 opgericht, om ook buiten Nederland het evangelie te verkondingen. 3xM werd in 1983 een zelfstandige stichting en heeft haar hoofdkantoor in Nederland.

Stichting Wilde Ganzen

Wilde Ganzen bestrijdt armoede wereldwijd. In Nederland stimuleren wij projecten van bevlogen Nederlanders verbonden met mensen in armoede. Hun gezamenlijke, kleinschalige projecten steunen wij met geld, advies, expertise en netwerk. Ook versterken we de zelfredzaamheid van mensen in armoede en hun organisaties, met name in het werven van fondsen in eigen land. We zetten ons in voor een structurele verbetering van hun situatie en toekomst.

Vastenactie

Onze missie

Vanuit onze katholieke visie inspireren en motiveren we alle Nederlanders om mensen over de hele wereld te ondersteunen bij het opbouwen van een waardig bestaan. Ongeacht etniciteit, geloofsovertuiging, sekse of afkomst.

Onze visie

We geloven dat alle mensen door God, uit liefde, in Zijn beeld en gelijkenis zijn geschapen. Dat geeft iedere mens een intrinsieke waardigheid en maakt ons broeders en zusters van elkaar. De sociale leer van de Katholieke Kerk roept ons op en wijst ons de weg om mensen in hun waardigheid te doen leven.

Fondsenwerving
Om de projecten te kunnen ondersteunen die aan onze missie en visie werken, werven we fondsen en stimuleren we gemeenschappen in Nederland om fondsen te werven.

Katholieke Sociale Leer
De katholieke sociale leer vormt een belangrijke inspiratiebron voor de manier waarop we ons werk doen. We gaan uit van de vier kernbegrippen uit de Katholieke Sociale leer:

  • waardigheid voor iedere mens;
  • solidariteit onder de wereldwijde mensenfamilie;
  • een goed gebruik en een rechtvaardige verdeling van welvaart en goederen (bonum commune);
  • mensen de kans geven om zelf te werken aan een menswaardige, rechtvaardige samenleving (subsidiariteit).

De waardigheid van ieder mens staat voor ons centraal. We geloven dat ieder mens door God uit liefde is geschapen. Daarom heeft ieder het recht om gewaardeerd en gezien te worden en hoort ieder mens de mogelijkheid te krijgen zichzelf te ontwikkelen.

Omdat we bij deze ontwikkeling elkaar nodig hebben, is solidariteit een essentieel beginsel van de Sociale leer. Onze solidariteit bestaat daaruit dat we als één wereldwijde familie verantwoordelijk zijn voor elkaar. Als mens hebben we de morele plicht deze verantwoordelijkheid te nemen waar dit geboden is. Samen bouwen we een gemeenschap waarin ieder zichzelf tot de volle potentie kan ontwikkelen, met respect voor elkaars waardigheid, rechten en verantwoordelijkheden.

Om dit te kunnen realiseren, horen mensen verantwoordelijk met hun bezit om te gaan. Het algemeen welzijn (bonum commune) is daarbij belangrijk. Hieronder wordt verstaan dat het bezit dat mensen hebben, ten goede moet komen aan de samenleving als geheel. Als het grootste deel van het bezit door slechts een kleine groep wordt beheerd, kan het nooit ten goede komen aan het algemeen welzijn.

Om de beschreven beginselen van de sociale leer in de praktijk te kunnen brengen en inhoud te geven, is het beginsel van de subsidiariteit belangrijk. Dit houdt in dat verantwoordelijkheid zo lokaal mogelijk moet worden neergelegd. Zo komen persoonlijke talenten het best tot ontplooiing en worden mensen uitgedaagd actief mee te bouwen aan de samenleving.